Christenreize

Zo was het niet vreemd dat in deze jaren de belangstelling voor het voorouderonderzoek bij mij weer opleefde, temeer daar ik die voorouders concreet in de bronnen tegenkwam. Ik concentreerde me nog even op de naam Nijstad en schreef in 1982 het verslag De familie Nijstad in en rondom de kolonie Hoogeveen. De naamlijn volgend deed ik in deze tekst vanaf de oudste in de bronnen terug te vinden Nijstad – Egbert Reinders van de Nije-Statt, omstreeks 1725 getrouwd met Trijntje Jans – tot en met mijn grootvader Fritser Nijstad, per generatie verslag van de gezinswederwaardigheden. Het werd een feitelijk relaas over in religie orthodoxe keuterboeren en veenarbeiders – Stillen in den lande – die, nadat een van hen omstreeks 1750 van de Nije-Statt naar het noordelijk deel van de kolonie vertrok, steeds in en rond dit Pesserveld – ooit onderdeel van de Echtense- of Adellijke Plantage – bleven wonen. Na het overlijden van mijn grootvader Fritser in 1974 bleek zijn boekennalatenschap te bestaan uit twee bijbels, enkele psalmboeken en John Bunyan’s Christenreize naar de eeuwigheid (A Pilgrim’s Progress). Mijn blijvende fascinatie voor religie en met name orthodoxie en fundamentalisme verklaar ik dan ook graag uit mijn, zoals ik dat noem, witte en zwarte orthodoxe achtergrond (het evangelisch- en apocalyptisch- georiënteerde fundamentalisme van de Booijs en het kerkelijk gewortelde fundamentalisme van de Nijstads), beide protestants-bevindelijk, zoals dat heet*.

De illustraties in het nagelaten boek dat ik lang geleden eens inzag zijn meen ik van Gustave Dore. Ik ben naar die afbeeldingen op zoek maar heb ze nog niet gevonden. Wel vond ik al doende een andere fraai werk van Dore dat ik in dit verband voorlopig wel passend vind.

Paul_Gustave_Dore_Andromeda                  

Andromeda, in de Griekse mythologie de dochter van Cepheus en Cassiopeia, koning en koningin van de Ethiopixebrs, door haar vader geofferd aan het zeemonster Ceto maar gered door Perseus.

Lezend over de deze mythe stuitte ik op hetzelfde onderwerp geschilderd door Rembrandt in 1631. Dit is het jaar waarin Amsterdamse en Leidse heertjes samen met het jonkertje Roelof van Egten, wellicht op een steenworp afstand van Rembrandt van Rijn, over de oprichting van een compagnie delibereerden. Het is het jaar waarin ook werkelijk is begonnen met de openlegging van het gebied waar de Colonie zou ontstaan.

180px-Rembrandt_Harmensz._van_Rijn_011

* Dit tekstje is een alinea uit mijn Curriculum Vitae Pannekoek te vinden op mijn website onder Filosoof.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s